Het triarchische model van Sternberg is een psychologisch model dat intelligentie breder definieert dan enkel een IQ-score. Het bestaat uit drie samenhangende vormen van intelligentie:
1. analytische intelligentie
De vorm van intelligentie die het meest aansluit bij de klassieke schoolse vaardigheden en bijbehorende IQ-tests.
- logisch en abstract denken
- analyseren en vergelijken
- problemen oplossen met bekende strategieën
- sterk bij toetsen en examens
2. creatieve intelligentie
Flexibiliteit in omgaan met lastige of nieuwe situaties en het genereren van originele ideeën.
- out-of-the-box denken
- originele oplossingen bedenken
- verbanden leggen die anderen niet zien
- leren door ontdekking en experimenteren
3. praktische intelligentie
Deze vorm van intelligentie wordt ook wel de "contextuele" of "alledaagse" intelligentie genoemd.
- toepassen van kennis in het dagelijks leven
- sociale situaties goed aanvoelen
- weten wat werkt in een bepaalde context
- zichzelf aanpassen of de omgeving beïnvloeden
Belang van het triarchisch model
Sternberg wilde aantonen dat:
- intelligentie meer is dan cognitieve snelheid en kennis
- schoolsucces slechts één uitingsvorm is van intelligentie
- veel hoogbegaafde kinderen onzichtbaar blijven wanneer enkel analytische intelligentie wordt gemeten
Dit model verklaart waarom sommige kinderen creatief of praktisch zeer sterk zijn maar niet altijd uitblinken in klassieke schoolse contexten, waardoor ze vaak onderschat of verkeerd begrepen worden. Bij hoogbegaafde kinderen zie je vaak een onevenwichtige ontwikkeling tussen de drie vormen. bovendien wordt hun praktische intelligentie vaak geïnterpreteerd als eigenwijsheid.
Daarom kan het triarchische model ingezet worden om te helpen met breder kijken naar talent, gedrag beter te begrijpen in plaats van het te corrigeren en onderwijs en begeleiding beter af te stemmen. Het leert ons namelijk breder te kijken dan enkel naar een IQ-score en leer- en denkkenmerken in context te plaatsen. Dankzij het triarchische model kan er ook aandacht geschonken worden aan creativiteit, zelfregulatie en toepasbaarheid. Echter is het geen expliciete wetenschap, maar eerder een theoretische onderbouw die hand in hand gaat met andere theorieën.