Snelle denkers kunnen ook herkend worden aan hun typische leer- en denkkenmerken, ook wel gekend als de cognitieve componenten van begaafdheid.
Deze worden onderverdeeld in verschillende onderdelen: geheugen, snelheid van leren, complex denken en zelfregulatie.

  • Cognitieve leerkenmerken
    • snelle informatieverwerking: ze verwerken nieuwe leerstof vaak na één uitleg of voorbeeld.
    • sterk analytisch en logisch denkvermogen: ze leggen spontaan (diepere) verbanden, zien (ingewikkelde) patronen en trekken conclusies.
    • complex en abstract denkvermogen: ze denken gemakkelijk op conceptueel niveau en begrijpen al snel de mening van symboliek.
    • grote leerhonger: interesse gaat vaak diep en kan intens zijn bij zelfgekozen onderwerpen.
    • sterk geheugen: vooral wanneer de leerstof (voor hen) betekenisvol of intrinsiek interessant is.
    • divergent denken: ze denken op een andere of meer uitgebreide manier, ze bedenken meerdere oplossingen of alternatieve invalshoeken.
    • scherp geheugen en brede kennis: sterke opslag en snel ophalen van informatie, snelle koppeling aan wat al bekend is.
  •  Leerstijl en leerhouding
    De manier waarop ze leren en denken wijkt vaak af van het klassieke schoolsysteem.
    • top-down leren: ze vertrekken vanuit het geheel en hebben moeite met stapsgewijze instructie.
    • behoefte aan autonomie: ze leren beter wanneer ze keuzevrijheid en eigenaarschap ervaren.
    • weinig herhaling nodig: oefenen kan als zinloos of zelfs frustrerend worden ervaren.
    • sterke behoefte aan zingeving: ze willen weten waarom iets geleerd moet worden.
    • snel verveeld bij te lage uitdaging: dit kan leiden tot afhaken of onderpresteren.
  • Metacognitie, zelfreflectie en zelfregulatie
    • vroeg ontwikkeld zelfbewustzijn: ze denken na over hun eigen denken.
    • kritisch tegenover zichzelf en anderen: ze stellen hoe eisen en merken inconsistenties snel op.
    • complexe vragen: hun vragen gaan aak voorbij de leerdoelen van de leeftijdsgroep.

Mogelijke valkuilen in het leerproces


Niet alle hoogbegaafde kinderen functioneren automatisch goed op school.

  • onderpresteren: door gebrek aan uitdaging, faalangst of perfectionisme.
  • weinig leervaardigheden: omdat ze weinig hebben moeten oefenen met studeren of plannen.
  • perfectionisme: kan leiden tot uitstelgedrag of niet starten uit angst om fouten te maken.
  • asynchrone ontwikkeling: cognitief sterk, maar emotioneel of sociaal nog leeftijdsadequaat of zelfs onder de leeftijdsverwachtingen.
  • schijnbare leerproblemen: zichtbaar een concentratieprobleem, maar aan de basis ligt verveling en de zoektocht aan uitdaging.

 

    Tips om het leerproces te bevorderen

    • compacten van leerstof
    • verrijking, verbreding en verdieping
    • open opdrachten en onderzoekend leren
    • werken op denkniveau in plaats van leeftijd
    • aandacht voor executieve functies
    • erkenning van hun denkstijl